Column

Begin > Artikelen en verhalen > Column

Kabbelend water en krassende pennen  

Wie op het water woont, verzint wat. Ik verzin verhalen en andere schrijfsels. Het helpt geweldig dat ik dat op het water doe. Water brengt stroompjes op gang. Creativiteitsstroompjes. Ook bij anderen. Dat merkte ik toen ik waterworkshops ging geven.

Zolang ik me kan herinneren, heb ik water bijzonder spul gevonden. Op het water verzin ik dingen die me op het droge nooit te binnen schieten. Mijn stuurhut is mijn werkkamer. Terwijl de boten van de roeivereniging voorbij glijden, af en toe een vrachtschip langsvaart en deze winter zelfs schaatsers passeren, schrijf ik mijn artikelen en verhalen. Ik fröbel met woorden, schrijf en schrap zinnen en verwoord wat anderen bedoelden toen ik ze interviewde.

Op zo’n dag bepeins ik dat er méér moet zijn dan ‘stukkies schrijven’. Dat het mooi zou zijn als ik anderen ook een beetje waterinspiratie kan geven. Ik pak een schrijfblok, kijk nog even goed naar buiten en begin lukraak te schrijven. Even later staan er allemaal woorden op papier. Het meest opvallende vind ik ‘waterworkshop’. En al heb ik er nog nooit van gehoord, ik weet precies wat het is.

Ik zet een programma in elkaar, maak een reclamefolder en organiseer twee proefworkshops. Twee weken later zitten er zeven mensen beneden in het ruim. Het is een gemêleerd gezelschap. Een leraar, een communicatieadviseur, een paar studenten. "En ik ben supporter van FC Groningen”, stelt een jongeman zich voor en hij tikt tegen zijn groen-met-witte petje. De kleuren van de FC. "Schrijven doe ik trouwens nooit.”

Met hun ogen dicht, zodat ze het bewegen van het schip goed voelen, praat ik ze de loopplank op waar ze hun hoofdpersoon ontmoeten. Ik vind het loeispannend. Want wie heeft gezegd dat iedereen volloopt met inspiratie zodra hij op het water is?

Maar gelukkig komen ze allemaal iemand tegen op hun loopplank. De één een stokoude schipper met een pet van duffelse stof, de ander een dromerig jong meisje en de volgende geeft een omschrijving van iemand die verrassend veel lijkt op hemzelf. Na een uurtje snuffelen aan het schip hebben de deelnemers genoeg ingrediënten bij elkaar gesprokkeld om aan een verhaal te beginnen. Ze weten over wie het gaat, waar en wanneer het speelt en hoeven alleen nog maar het verhaal te laten komen. Iedereen zoekt een plekje in het schip. Een meisje kruipt in kleermakerszit op het plateautje voor het stuurrad. Een oudere man gaat op een rechte stoel aan de grote keukentafel zitten. Na een poosje hoor ik alleen nog maar het krassen van pennen op schrijfblokken en het kabbelen van water tegen de romp van het schip.

Terug in het ruim leest ieder zijn pennenvrucht voor. De beschrijvingen zijn levensecht. Zoals het verhaal van de man aan de keukentafel over de oude schipper die heimwee heeft naar zijn schip. Het meisje bij het stuurrad kreeg inspiratie voor een verhaal over een verre zeereis. En een jonge vrouw beschrijft hoe een aankomend schipper elke dag langs de Drentsche Hoofdvaart naar de werf fietst om de bouw van zijn schip in de gaten te houden.

 

We sluiten de workshop af met een gedicht. De voetbalsupporter leest een poëtisch verhaal voor over Milou die zo flink in de wind op fietst en Merlijn die dapper over de zachte neus van een paard aait. We zijn doodstil. "Dat zijn mijn kinderen”, zegt hij dan, een beetje verlegen. We slikken een brok weg. Hij glundert.

 

(Gepubliceerd in VLOT)

Gonneke Bonting| gonneke@gonnekebonting.nl |0651462002